dinsdag 30 september 2008

Specialiteiten

Als het eten lekker is, lijkt een land altijd mooier dan het in werkelijkheid is. Japan is objectief gezien niet het allermooiste land -van hun historisch erfgoed blijft er nog maar weinig over- maar hun culinaire klasse maakt dat we zeker willen terugkeren.

Meloenen van respectievelijk 150 en 300 euro

Beetje overdonderd 's ochtends in een ryokan

Sushitreintjes in het station

Heerlijk vegetarisch dineren voor weinig geld

Liters groene thee-ijs gegeten

Octopusballetjes

Labels:

Plaatjes

Mount Fuji

Crouching Tiger Hidden Dragon

Totoro van animegrootmeester Miyazaki

A-Bomb Dome in Hiroshima (Werelderfgoedlijst)

Labels:

Plastic eten

Japanners eten dikwijls uit omdat het thuis te klein is. Hun keuze maken ze op basis van plastic eten dat in de vitrine wordt geëtaleerd. Miso ramen in plastic, ijsjes in plastic. Op de duur beoordeel je het restaurant op basis van de look van het nepeten. Toch wel bizar, maar de Japanners doen dus net hetzelfde.


Nepnoedels
Nepijs

Labels:

Mensjes kijken

Japanners en mode, ze worden vaak in één adem genoemd. En terecht. Wat als ondraagbaar wordt beschouwd op de Milanese en Parijse catwalks, is volgens de Japanners nog veel te braaf. Soms amuseerden we ons door een paar uur op dezelfde plek te blijven zitten en te kijken naar de jonge hipsters met dikke wollen mutsen bij temperaturen van 35 graden Celsius?? Vreemd.

Labels:

Metro Shinjuku

Spitsuur in de metro is een claustrofobische belevenis in Japan. We zijn er één keer bewust in terechtgekomen, just for the experience. Ook niet meer dan dat. Want echt fijn kan je het niet noemen. Het heeft iets van stagediven. Om binnen te geraken in een treinstel moet je je letterlijk laten vallen in de massa. Zo geraak je binnen. En dan maar hopen dat de Japanners je opvangen, want anders ga je, knal, tegen de vlakte.

Labels:

Geisha, opgejaagd wild

Geisha’s sterven uit in Japan. In de jaren twintig waren er nog een 80.000. Nu wordt hun aantal geschat op 1000 à 2000.  Terwijl vroeger de meisjes op jonge leeftijd door hun ouders verkocht werden om financiële redenen, hebben vrouwen die vandaag het beroep willen uitoefenen de keuze. Ze beginnen er ook veel later aan. Soms pas op hun 21ste als ze daar zin in hebben.

Met prostitutie heeft het niks te maken. Geisha’s zijn superintellegente gezelschapdames die na jarenlange studies rijke heren en dames vergezellen en entertainen tijdens een diner of theeceremonie.

Ze zijn niet meer met zoveel, omdat er steeds minder werk is. Japanners hebben het er niet meer voor over om 400 euro te betalen om twee uur door te brengen met een opgetutte geisha, die zingt, danst of een instrument bespeelt.

De kans om een geisha of maiko –dat is een leerling-geisha- te spotten in Japan is dan ook bijzonder klein. In Kyoto, in het karaktervolle Gion-district, tref je ze nog aan. Al weet je nooit of het een echte is of iemand die zich verkleed heeft. Want dat kan dus ook. Je kan voor een pak yen je helemaal laten opmaken en laten kleden als een geisha, om vervolgens door de straten te paraderen en de meest gefotografeerde ster van de avond te worden.

Geen groter opgejaagd wild in Japan als de geisha’s. Op de officiële website van Kyoto wordt in het Engels met aandrang vermeld de vrouwen met rust te laten. Ze zijn geen folklore maar oefenen een beroep uit, klinkt het daar.

Het heeft iets intriest hoe ze omsingelt en lastig gevallen worden. Rennen of lopen kunnen ze niet, met hun traditionele houten slippers. Ze zouden vallen. We bekijken alles vanop een afstand en hebben schroom om dichterbij te komen.

En toch bezondigen ook wij ons aan onethisch gedrag, wanneer we plots in een doodse straat een geisha bijna zien zweven. Ze heeft iets van een buitenaards wezen. Haar mysterieuze geheimzinnigheid intrigeert ons. We volgen haar, naar een theehuis. We schamen ons dat we er achteraan gaan. Maar het is sterker dan onszelf. We zitten met duizend en één vragen en willen ze liefst allemaal tegelijkertijd stellen. Maar ze zweeft sneller, en wij moeten bijna lopen. Ze doet alsof ze ons niet hoort, tot we dan toch de moed bij elkaar pakken om haar iets te vragen. I am in a hurry, stelt ze vriendelijk. I’m going to be late. De vragen, die we wilden stellen, komen er niet uit. We staren een beetje. You are very beautiful, zeg ik. Meer komt er niet uit. Pijnlijk gênante opmerking. Of we nog één foto mogen trekken. Snel, prevelt ze. Een slecht beeld is het geworden.

Leerling-geisha of maiko

We voelen ons achteraf slecht over ons gedrag. En dan die foto. Hadden we toch niet moeten doen. En toch, het was sterker dan ons zelf.




Labels:

Elektrische schokken

Eens je de onsenetiquette beet hebt, is er niks leukers om te doen in Japan dan te baden en krijg je het gevoel echt opgenomen te worden in hun bizarre samenleving. Sommigen zwaaien zelfs en doen teken dat hun badkuip de beste is. Zo ook een stokoude dame. Vel over been. Of we geen zin hadden naast haar te komen zitten? Ze zat op een stenen bankje in het water. Als een sfinks. Boven haar, op de muur, was een rode bliksemflits geschilderd. Vreemd, maar tegelijkertijd aanlokkelijk. Naarmate we dichterbij kwamen, begon onze huid lichtjes te prikkelen. Eens ter hoogte van de minzaam glimlachende dame joegen ze elektrische schokken door onze botten. Pijn !! Niet te doen. Alsof ons skelet compleet uit elkaar werd gerukt. En grappig dat ze het vonden, zeker toen wij als reactie de boel bij elkaar krijsten. Sadistisch, zo zijn ze wel, de Japanners.

Labels:

Iceland on acid

Japan wordt wel eens Iceland on acid genoemd. Het is een vulkanisch eiland, waar je struikelt over de geisers, warmwater- en zwavelbronnen. Rondom deze natuurfenomenen bouwden de inwoners baden boordevol mineralen. Ook wel onsen genoemd.

Japanners doen dus niks lievers dan een paar uur in een onsen te gaan zitten. Zijn er geen onsen te bespeuren, vind je altijd wel ergens een sentoo, een badhuis, bestaande uit verschillende badkuipen, gevuld met kokend heet en soms ook ijskoud kraantjeswater.

Baden is hier een ritueel. Sommigen doen het twee keer per dag. In het begin is het zoeken en aanpassen. Etiquette is belangrijk. Je goed informeren op voorhand is essentieel. In sommige sentoo of onsen worden de onreine westerlingen niet toegelaten. Is ons een paar keer overkomen.

Onsen in Shirahama

Als je dan toch binnengeraakt, word je aangestaard alsof je een besmettelijke ziekte hebt. Daar sta je dan, helemaal naakt, met een minihanddoekje dat net groot genoeg is om de helft van je rechterarm te bedekken. Nochtans zou je kunnen denken dat vrouwen -ze baden strikt gescheiden van de mannen- de nodige empathie hebben om ons, newbies, te helpen. Niet dus. Het staren houdt niet op, tot de oudste van de hoop (meestal 90 plussers) opstaat en ons bij het handje begeleidt naar de minidouches. Bedoeling is dat je je eerst grondig schoon schrobt om vervolgens te weken in een bad of sauna (meestal met tv) naar keuze. Dat schrobben verloopt redelijk fanatiek. Japanse vrouwen blijven wrijven tot het bloed bijna onder hun huid vandaan komt. Het zijn maniakken. Eens binnenstebuiten geschrobt mag je in bad. Naakt. Het minuscule handdoekje moet ofwel op je voorhoofd ofwel op de rand van de kuip blijven liggen.

Idyllisch gelegen, vlakbij de oostkust

Labels:

maandag 29 september 2008

Toiletperikelen 4

Het niveau van de blog daalt ;-) maar toch nog even dit. Japanners zijn geobsedeerd door hygiëne. Als je ze ziet lopen over straat komen ze als uit een doosje. Lopen ze niet zwaar gezakt en gepakt over straat. En lijkt alles wat in de plooi moet vallen ook écht in de plooi te vallen. Zelfs als ze ladderzat zijn. Bewonderenswaardig eigenlijk, wanneer je hen met ons, muilezels, vergelijkt.

Proper zijn is het hoogste goed. Ook in huis, waar je reine en onreine kamers hebt.  Met telkens aangepaste sloefjes. In huis loop je met ‘propere’ slippers, op toilet verwissel je ze voor een ‘vuil’ paar. Meestal roze van kleur met daarop in koeien van letters: TOILET.

Al dat verwissel is een gedoe, maar, soit, we passen ons aan. Sofie deed het trouwens uitstekend. Bij mij liep het meer dan eens mis. Hoe vaak ik niet in kraaknette ryokans met toiletsloefjes aan tafel heb gezeten, ik kan het echt niet meer op één hand tellen. Huisgenoten, die de vergissing opmerkten, reageerden eerst gechoqueerd, maar konden er nadien meestal smakelijk om lachen. Meer zelfs, voor de Japanners was het hét verhaal van de dag en werd heel de familie op de hoogte gebracht van mijn flaters. 

Toiletsloefjes

Labels:

Toiletperikelen 3

Een Japanner heeft andere gewoontes. Zoveel is duidelijk. Hij vindt het bijvoorbeeld verwerpelijk dat je in het openbaar je neus snuit. Not done. Hij geneert zich ook voor het minste. Toilet- en andere plonsgeluiden vinden ze verschrikkelijk. De gedachte dat je buurvrouw- of man je kan horen is beschamend. In de jaren zeventig gingen vrouwen al flushend naar het toilet om zo alle gênante geluiden weg te moffelen. Maar omdat er zoveel water werd verspild, is Japans grootste toiletproducent Toto in de jaren tachtig met de Otohime op de proppen gekomen, vrij vertaald als de geluidsprinces. Dankzij de princess –die hetzelfde geluid produceert als de doorspoelknop- wordt er per beurt 20 liter water uitgespaard. Als dat niet de moeite is.

Labels:

Toiletperikelen 2

Daarna werd het alleen maar beter. In Japan heb je drie soorten wc’s: een gat in de grond, zoals in Frankrijk of in om het even welk ontwikkelingsland, een urinoir -ook voor vrouwen- en dan de hightechttoilet met, in het beste geval, 38 bijkomende snufjes.

Frans toilet

Urinoir

Bedieningspaneel hightech wc


Het is wél even wennen, zo’n hightech-toiletbril, maar eens je de knopjes kan bedienen zou je met plezier op de pot gaan zitten. Wat ook gebeurde.

Sommige wc’s hebben een draadloos bakje met 38 knopjes. Sproeien, wassen, drogen , deodorant verstuiven. Jawel, je achterste wordt verwend. In het begin schrik je, veer je recht, word je natgesproeid en moet je met het schaamrood op je wangen en een natte broek weer aan tafel. Maar zoiets overkomt je geen twee keer. En dan wordt het plezant. Op restaurant gingen we soms twee keer naar de wc, just for fun. Na acht maanden wereldreis hebben we ons nooit zo proper gevoeld. 

Labels:

Toiletperikelen 1

Onze eerste toiletervaring in Japan was geen meevaller en eindigde bijna op het politiekantoor. Aangezien we allebei dringend moesten, hadden we er niks beters op gevonden om een openbare gehandicaptentoilet binnen te wandelen, die zich meteen daarna hermetisch afsloot. Ramp o ramp, want het was niet duidelijke op welke knop we moesten drukken om weer naar buiten te gaan. In paniek, en zonder de ingewikkelde plee te gebruiken, drukte we als kiekens zonder kop op allerlei knoppen. Geen goed idee. Alarmbellen luidden. Loeiende sirenes schreeuwden de buurt bij elkaar, waarna de deur openschoof en drie flikken ons opwachtten. Gewapend. Sorry, sorry, het zal niet meer gebeuren stamelden we in gebrekkig Nederlands?? En wij weg, zonder achterom te kijken.

Labels:

zondag 28 september 2008

Capsule

Meestal sliepen we in hostels. Proper, gezellig, rustig. Af en toe kozen we voor een Japanse bed & breakfast, een ryokan. Veruit het charmantst, maar ook het duurst. Je logeert bij mensen thuis en wordt ontvangen als koninginnen. Met groene thee en misopastakoekjes. Rijstpapieren schuifdeuren scheiden de verschillende kamers en eens gegeten, wordt de futon voor je uitgerold.

Ze vragen je eerst te baden, vooraleer je in een losse yukata (meer casual dan een kimono) aan tafel schuift. Het eten dat je ’s avonds en ’s ochtends krijgt is meestal vegetarisch en spreekt tot de verbeelding. Je weet amper wat je naar binnen speelt maar het smaakt.

Nog leuker is bij de moniken gaan slapen in één van de vele tempels van Koyasan, twee ceremonies meemaken en bediend worden door een bende kale én grappige mannen.

Maar het meeste plezier hadden we in een capsulehotel. Een capsule lijkt op een high-tech doodskist (met televisie, klokradio, boekenrek) waar je net in past. Het is een goedkope oplossing voor zakenmannen die de laatste trein naar huis hebben gemist. In Tokio worden in slechts twee capsulehotels vrouwen toegelaten. In Asakusa, een capsulehotel met zicht op de gouden vlam van de Franse ontwerper Philippe Starck in opdracht van Asahi Breweries, zijn er zelfs aparte liften voor mannen en vrouwen. 

Kom je binnen, krijg je een pyjama, slippers, zeep, scheermesjes en een kam. In het gebouw is er meestal een sauna en jacuzzi. Pure luxe voor 25 euro. 

Prachtige ryokans

Mooi ingericht

Groot contrast: vierkanten capsule, met bovenaan een tv'tje


Labels:

vrijdag 26 september 2008

Karaokeavonturen

Karaoke blijft één van de populairste activiteiten in het land van de rijzende zon. In Tokio vind je in populaire uitgangswijken als Sjinjuku en Shibuya de ene boîte na de andere. In sommige tenten kan je een karaokekamer huren met sauna en jacuzzi.

Aangezien we zelf geen karaokemiekes zijn hadden we niet echt zin om zo’n volledige kamer te huren. Zou ook een beetje zielig zijn zo met ons tweetjes. Mogen we niet gewoon eens gaan kijken?, vroegen we aan de receptie. Groot probleem. De privacy van de klanten moest gerespecteerd.

Tot een vrolijke Japanner ons ter hulp kwam en de receptionist vertelde dat we bij hem waren.Via kleine gangetjes werden we naar een glitterkamer gebracht bomvol ‘salarymen’ en enkele ‘office lady’s’ die na een dagje zwoegen bij het fotobedrijf Fuji alle remmen los lieten. Gillen, krijsen, zingen. Het is absurd wat je ziet en hoort. Als princessen werden we ontvangen en kregen we de eerste keuze uit een computer vol nummers. Of ze geen Engelstalige nummers hadden? Ons Japans is niet zo goed. Alleen Madonna hadden ze. Tot grote ontgoocheling van Sofie die de Japanners maar bleef bestoken met de vraag of ze geen Portishead hadden. Nooit van gehoord. Dan maar Madonna. Sofie oogstte succes met Papa don’t preach. De Japanners werden hysterisch en vroegen vervolgens of we zin hadden in een verkleedpartij?  Blijkbaar moet je enorm veel durf en lef hebben om je te wurmen in iets anders, extravaganters dan een kostuum. Eén salaryman had zelfs een berenpak aan. Warm dat die mens moet gehad hebben.

Soit, een zekere Eriko toonde ons de verkleedkamer en gaf ons twee bizarre kleedjes die we moesten aantrekken. Sofie aarzelde niet en trok meteen alles uit waarop de Japanse dame deed alsof ze een hartaanval kreeg. Nee, dat kon dus niet met zoveel mannen. De kleedjes moesten boven onze jeansbroeken aangetrokken worden???

Na veel vijven en zessen werden we ‘op het podium’ geroepen en werden er vooral veel foto’s getrokken om amper vijf minuten daarna weer ‘van het podium’ gehaald te worden.

Absurde ervaring, maar tranen met tuiten gelachen. Zij met ons, en wij met hen.

Sofie bedolven onder de Fuji-meute

Eindelijk een nieuw tenuetje. Met dank aan de Japanners

Labels:

Multicultureel?

Japan is het eerste land waar iedereen op elkaar gelijkt. Van multiculturaliteit is er geen sprake. Op een totale bevolking van 127 miljoen mensen zijn er slechts 1,7 procent inwijkelingen. Grootste groep zijn de Koreanen (ze zijn met 650.000). Ook al hebben ze zich een Japanse naam aangemeten, toch worden ze gediscrimineerd.

Fijn om op reis te gaan, dat wel, maar de meesten vertonen racistische trekjes. Er bestaan hier schrijvers die boeken plegen over de superioriteit van het Japanse ras. Beetje beangstigend.

Shibuya, de drukste wijk van Tokio

Gelukkig worden toeristen hier goed ontvangen. Je wordt als een curiosum beschouwd en nergens is het contact met de lokale bevolking zo grappig en absurd. Ga je uit in Tokio ben je de ster van de avond en word je steevast omringd door een bende hysterische Japanners. Het is een soort hysterie die voortvloeit uit een ziekelijke verlegenheid. 

Labels:

dinsdag 9 september 2008

Automatengek

Japanners zijn  automatengek. Dassen, hemden, kousen, alles kan je uit automaten halen. Zelfs wanneer je iets in een ramenbar gaat eten (Japanse noodles), moet je alles bestellen via een automaat. Een bordje met gyoza’s (Japanse dumplings), koop een kaartje in de automaat. Meestal staan er foto’s bij de gerechten die je bestelt, maar even vaak staar je een half uur naar een flikkerende automaat met Japanse karakters. Soms waren we het zo beu dat we gewoon op wat knopjes drukten in de hoop dat we iets lekkers voorgeschoteld zouden krijgen. Zelfs in een capsulehotel boek je een ‘kist’ via een automaat. Meestal met gepast geld, of je bent alles kwijt. Kwamen wij iets te laat achter.

Labels:

maandag 8 september 2008

Lost in Translation

Het is beangstigend hoe snel de tijd vliegt. Japan, een land waar we allebei ontzettend naar uitkeken, leek nog zo ver weg. En voor je het weet zit je op een vliegtuig met bestemming Narita Tokio.

In Nieuw-Zeeland stikt het van de Japanners. Zij hebben ons zinnen en woordjes aangeleerd die we meteen konden oefenen in het vliegtuig. De stewardesse van Japan Airlines knikte instemmend telkens we iets vroegen in het Japans. We waren trots dat ze ons verstond. Tot ze na vijf uur vliegen een beetje gegeneerd zei dat ze Thaise was en geen letter Japans sprak. Pijnlijk.

De communicatieproblemen zouden er niet op verbeteren. Het begint al op de trein van de luchthaven in Narita naar de Japanse hoofdstad Tokio. Nog maar net geïnstalleerd, of er komt al een controleur langs met een zak vol koekjes. Ze begint druk te gesticuleren waarop we haar in gebarentaal duidelijk maken dat we geen honger hebben. Ze blijft staan en haalt een geplastificeerde kaart uit haar tas, met daarop in het Engels en Japans: ‘U zit in eerste klasse’. Ze kijkt streng en wijst met haar vinger naar zin nummer twee: ‘Kan u alstublieft verhuizen naar de volgende wagon?’. Ten slotte schuift ze, wanneer we aanstalten maken om recht te staan, met haar vinger naar zin nummer 3: ‘Dank u’.

Kaartjes kopen via een automaat is een ware marteling

Handleiding bij wc, godzijdank met icoontjes

Labels: